BINNENKIJKEN BIJ LA BOLLEUR

Van evenementen organiseren in kraakpanden groeiden ze uit tot een bekend designcollectief op het gebied van ruimtelijk, product- en grafisch ontwerp. Plezier en speelsheid voeren nog altijd de boventoon in het werk van de mannen achter La Bolleur. En dat blijkt een enorme hit! Wij gingen in gesprek met Steie van Vugt en Frank Winnubst over o.a. festivalstands die het hoofdpodium hadden kunnen zijn, de magie van de virtuele en fysieke wereld en een lunchroom waar je hun eigen merk Boys Bier kan drinken. Expect anything!



OM MAAR MET DE DEUR IN HUIS TE VALLEN, HOE IS LA BOLLEUR ONTSTAAN?

We studeerden aan de Design Academy en zo kwamen we dus in Eindhoven terecht, een stad met een hele eigen identiteit waar mensen bijvoorbeeld in oude Philips kantoren woonden. We waren altijd bezig met het organiseren van allerlei evenementen, van filmavonden tot aan etentjes en exposities. Daar hadden we natuurlijk wel een ruimte voor nodig. Uiteindelijk kwamen we terecht bij het leegstaande pand van voormalig bordeel ‘La Bolleur’, wat we toen hebben gekraakt. Dus daar komt de naam van onze studio ook vandaan.

In het begin hebben we vooral zelf veel evenementen geïnitieerd, maar al snel volgden er verzoeken vanuit de gemeente, bedrijven en particulieren. Zo werd het creatieve gedeelte steeds professioneler en bouwden we een naam op, zelfs buiten Eindhoven. Ons bedrijf is dus eigenlijk al tijdens onze studie ontstaan. Na het afstuderen hebben we er een vervolg aan gegeven en zeven jaar geleden zijn we naar Amsterdam verhuisd. Niet omdat we Eindhoven zat waren, maar eigenlijk puur omdat we nieuwe prikkels nodig hadden.

AAN WELKE CRITERIA MOET EEN GOED ONTWERP VOLGENS JULLIE VOLDOEN?

Vanaf onze studietijd hebben we altijd dingen willen maken die ook heel bruikbaar zijn. We willen het plezier dat design en het maken zelf teweeg kunnen brengen laten zien. Dat was een behoorlijke tegenstelling ten opzichte van de designwereld waar we in zaten toen we afstudeerden. Een wereld waarin vooral conceptueel design naar voren kwam. Medestudenten maakten bijvoorbeeld een tafel met een hele symbolische betekenis die nooit echt als tafel zou kunnen functioneren. Maar deze was vanuit de ontwerper gecreëerd in de hoop om ooit in een museum te staan. Als reactie op deze wereld creëerden wij een minigolfbaan uit hout in het winkelpand dat we toen huurden in Eindhoven. Het was de bedoeling dat de minigolfbaan er alleen tijdens de Dutch Design Week in 2009 zou staan, maar we kregen daarna diverse aanvragen uit Amsterdam, Berlijn en Milaan.



NAAST INTERIEURS REALISEREN JULLIE VEEL INSTALLATIES VOOR FESTIVALS EN BEURZEN E.D. WAT IS VOOR JULLIE HET GROOTSTE VERSCHIL IN HET ONTWERP EN DE REALISATIE HIERVAN?

Enerzijds maken we dus dingen voor mensen, anderzijds maken we dingen voor gebouwen en ruimtes. Mensen die ergens verblijven en ergens binnenkomen. Maar bij een festival of beurs wil je hier op een tijdelijke manier op inspelen. We willen veel impact maken met een kleiner budget. Eigenlijk zijn de terreinen voor festivals of evenementen hele grote ruimtes. Neem bijvoorbeeld het festival in de Stopera in Amsterdam. Een gigantische ruimte waar je niet zomaar even een festivalterrein van maakt. Toch hebben we dit weten te creëren in opdracht van de Nationale Opera & Ballet. Met grote, hangende objecten wilden we impact maken in de ruimte zonder die ruimte zelf te hoeven veranderen. We gebruikten juist de structuur van het pand. Zo hebben we het ritme van de ribben van de glazen pui gebruikt om die speelse elementen op te hangen. Daarvoor ontwikkelden we een ophangsysteem dat ieder jaar weer te gebruiken is. En we bouwen er ieder jaar nieuwe elementen bij, waardoor het een steeds rijkere festivalaankleding wordt. We zien dit als veel waardevoller dan elk jaar proberen iets totaal anders te doen.

WAT WAS JULLIE EERSTE GROTE FESTIVALONTWERP?

Dat was op Pinkpop, Solar en Lowlands voor Hi, de dochteronderneming van KPN. In eerste instantie waren we voor één jaar gevraagd, maar dat is uitgegroeid tot een zesjarige samenwerking. Sponsoren willen graag dat mensen naar hun stand komen en daar blijven hangen. Omdat ons idee een oplossing bood voor een noodzaak die veel festivalgangers voelen, is het een enorme hit gebleken. Op een festival wil je ontspannen, maar ook jezelf kunnen opladen. En als je dat naar Hi vertaald, wil je dus ook je telefoon kunnen opladen. We hadden meer dan 350 stopcontacten in die stand verstopt en met een borg van een paar muntjes kon je er eentje lenen. Daarnaast werkten we samen met Spotify. Die had een playlist gemaakt met alle artiesten die op het programma stonden, zodat je alvast in de ‘mood’ kon komen met hun muziek. We hadden iPads ingebouwd in een bartafel waar je dan met een koptelefoon naar die playlist luisterde.

Ben je nieuwsgierig naar de KPN MUSICSTATE die La Bolleur realiseerde op diverse festivals? Bekijk hier het resultaat. 

IS TECHNOLOGIE EEN BELANGRIJKE INSPIRATIEBRON VOOR JULLIE?

Ja, we laten ons er zeker door inspireren. Maar dingen als programmeren kunnen wij niet zelf, dus zoeken we altijd naar samenwerkingen met leuke partijen op dit gebied. We maken graag gebruik van de mogelijkheden die technologie biedt, zonder onszelf daarin te verliezen. Het is pas een hit als je mensen een nieuwe ervaring geeft die ze begrijpen. Het tastbare is daarin heel belangrijk.

DE COMBINATIE VAN HET TASTBARE EN HET VIRTUELE ZIEN WE OOK DUIDELIJK TERUG IN JULLIE PROJECT ‘THE RACE TRACK’. HOE IS HET IDEE VOOR THE RACE TRACK ONTSTAAN?

Het is een reactie op een wereld vol beeldschermen, waar zelfs kinderen al helemaal in op gaan door de games die ze daarop spelen. Die virtuele wereld is zo belangrijk geworden dat we deze juist naar de realiteit wilden halen. Om te laten zien hoe mooi die fysiek gemaakte wereld ook is. Dus creëerden we een 42 meter lange racebaan uit hout voor radiografisch bestuurbare auto’s waarbij we gebruikmaken van FPV-technologie, wat staat voor ‘First-person view’, en bekend is uit het Drone-racen. Je zit in een stoel, maar die auto rijdt wel fysiek om jou heen. We gebruiken de virtuele wereld vaak om een tekening te maken die we fysiek gaan uitvoeren. Die stap van virtueel naar fysiek heeft iets magisch.



WELKE (TECHNISCHE) UITDAGINGEN DRIJFT JULLIE TOT HET UITERSTE?

We hebben veel settingen voor evenementen gemaakt. Vaak moeten die binnen no-time worden op- en afgebouwd. Soms zit daar ook technisch gezien de uitdaging in. Zo hebben we vaak gebruik gemaakt van de CNC-frees in onze werkplaats. De CNC-techniek helpt om ontwerpen te maken die je zo in elkaar schuift. In het geval van een evenement kun je dan snel en efficiënt iets opbouwen zonder dat daar schroeven of lijm aan te pas komen. Er zit zoveel organisatie in om iets goed te realiseren. We zijn eigenlijk 5% van de tijd aan het ontwerpen en 95% van de tijd zijn we onze ontwerpen aan het realiseren.



WELKE MATERIALEN GEBRUIKEN JULLIE HET LIEFSTE EN WAAROM?

Berken Multiplex gebruiken we heel veel, omdat het constructief sterk is maar ook een prettige kleur heeft. En wat ons betreft heeft dit materiaal de beste prijs/kwaliteitverhouding. Daarnaast maken we graag gebruik van Color MDF en Betonplex. Opnieuw een combinatie van functie en esthetiek dus. Als toplaag vinden we HPL of fineer ook mooi, maar we zouden niet zo snel kiezen voor kantenband. We laten graag zien hoe dingen in elkaar zitten, dus daarbij tonen we ook het constructieve materiaal.

Materiaal beschouwen we als iets waar je iets van kan maken. Dan maakt het niet zo heel veel uit welk materiaal dat dan is. Als ik een bamboevlot op een rivier zie drijven denk ik, wow ik zou wel eens iets van bamboe willen maken! En nadat ik een documentaire zag over hoe efficiënt Eskimo’s een iglo bouwen, is het nog altijd een wens om dat ook te doen. Dat is misschien dat jongensachtige en altijd de speelsheid in iets zien. En toch zijn we wel altijd opzoek naar interessante materialen. We zijn heel proactief in alles. Dus ook op materiaalgebied. Als iets ons aanspreekt, bestellen we meteen een sample. Dan willen we weten hoe het in de werkelijkheid is.



NAAST EEN EIGEN ONTWERPBUREAU EN BIERMERK ‘BOYS BIER’, HEBBEN JULLIE NU OOK EEN EIGEN LUNCHROOM ‘CLUBHOUSE’. HOE IS DIT OP JULLIE PAD GEKOMEN?

Clubhouse is een lunchroom die we gestart zijn samen met een vriend van ons, Bram de Vries. Sterker nog, hij was onze allereerste stagiair ooit en is nu de mede-eigenaar van Clubhouse. We werden gevraagd om een horecazaak te openen op het Marineterrein in hartje Amsterdam, zonder opzoek te zijn naar een nieuwe onderneming. Die plek is een soort oase van rust middenin het centrum en dat vonden we heel tof. Dat is eigenlijk de reden dat we hebben gezegd, ‘ok moeten we dit niet gewoon doen?’ ‘en als we dat dan doen, met wie zouden we dat willen doen?’. We wisten meteen dat we wilden werken met een doorgewinterde horecaondernemer. Dat is dus Bram, die op dat moment nog manager bij het Ketelhuis in Eindhoven was.

We zijn nu net een jaar open en het wordt steeds leuker. Clubhouse brengt ons eigenlijk weer een beetje terug naar waar we vandaan komen. We willen een soort huiskamer zijn, een clubhuis voor Amsterdam. Maar ook voor onszelf, onze vrienden en bevriende partijen. We organiseren er bijvoorbeeld samen met Studio Veen korte filmavonden onder de noemer ‘Filmclub’, kijken er voetbal en ook The Race Track heeft er tijdelijk gestaan.



HEBBEN JULLIE NOG DROMEN VOOR DE TOEKOMST?

Er is wel één toekomstdroom, daar hadden we het toevallig laatst weer over. We gaan waarschijnlijk binnenkort verhuizen naar een nieuwe studiolocatie. Daardoor zijn we ook aan het nadenken over wat onze droomstudio zou zijn. We zouden het heel tof vinden om ooit onze studio vanaf nul te bouwen. Iets dat waarschijnlijk niet op korte termijn gaat gebeuren, maar als iemand nog een stuk braakliggend terrein heeft?! Het zou ideaal zijn als er wel elektriciteit en water is, maar de rest bouwen we zelf op.

We zitten nu in een superfijn pand waarvan we ook het idee hadden dat we daar heel lang konden blijven. Maar ja. Dan komt er iemand die het opkoopt en daar huizen wil gaan bouwen. Als huurder heb je dan niet zoveel te zeggen. Dat is het ook een beetje. We zouden echt een eigen plek willen hebben die zo ook voelt. Dat wij bepalen hoe lang we er blijven zitten. Dat geeft ook een bepaalde rust, waardoor je als bedrijf mooie projecten kunt blijven maken.

Sluit

Favorieten

Om gebruik te kunnen maken van het opslaan van favorieten dien je ingelogd te zijn.

Inloggen